Het UWV staat helaas veel in de negatieve belangstelling. Dat leidt tot extra twijfels over de rechtmatigheid van (onder andere) de WIA-uitkeringen voor zowel de schadelastdragende werkgever als uitkeringsgerechtigden. Maar kan die negatieve berichtgeving over de fouten bij WIA-keuringen in een procedure succesvol als reden voor de onjuistheid van de WIA-uitkering worden aangevoerd?
Een verzekerde in deze zaak van de Centrale Raad van Beroep (ECLI:NL:CRVB:2025:448) stelt zich op het standpunt dat de berichtgeving over de fouten die het UWV maakt bij de WIA-beoordelingen (schattingen) en in het bijzonder dat 50% van de urenbeperkingen niet juist zijn geweest, ertoe moet leiden dat een deskundige benoemd moet worden.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het feit dat het UWV negatief in de media is gekomen met betrekking tot fouten bij WIA-keuringen te algemeen is om daaruit af te leiden dat het UWV in dit concrete geval fouten heeft gemaakt of onzorgvuldig heeft gehandeld. Volgens de Raad is ook het beginsel van ‘wapengelijkheid’ (equality of arms) niet geschonden. De uitkeringsgerechtigde heeft voldoende mogelijkheden gehad de medische besluitvorming te bestrijden aldus de Raad.
Op zich begrijpelijk dat de Raad zo oordeelt, maar er valt wel wat voor te zeggen dat uitkeringsgerechtigden en schadelastdragende werkgevers het argument m.b.t. geconstateerde fouten wel aanvoeren in juridische procedures. Zeker voor schadelastdragende (ex-)werkgevers is het moeilijk ‘twijfel zaaien’ over de rechtmatigheid van de WIA-beoordeling. Dan kan het onderzoek over de vele fouten van het UWV als ondersteunend argument gebruikt worden. In afzonderlijke procedures zullen wel concrete argumenten aangevoerd moeten worden - toegespitst op de specifieke situatie die in een procedure voorligt - om uiteindelijk de rechtmatigheid van de WIA-besluitvorming te betwisten.

